Gastric Bypass

De gastric bypass geldt op dit moment als de standaardoperatie bij extreem overgewicht en wordt in Nederland jaarlijks ruim 8000 keer uitgevoerd. Bij een gastric bypass wordt van het bovenste gedeelte van de maag een nieuw klein maagje gemaakt. Dit nieuwe maagje heeft de grootte van ongeveer een kiwi. Het nieuwe maagje wordt verbonden met de dunne darm (A). De grote resterende maag en het eerste stukje dunne darm (de twaalfvingerige darm) blijven in je lichaam aanwezig, maar er komt geen voedsel meer doorheen. Wel maakt de restmaag maagsap aan. Dit komt alsnog bij het voedsel via een verbinding die tussen de twee delen van de dunne darm wordt gemaakt (B).

De gastric bypass werkt op drie manieren waardoor je afvalt:

  1. Je kunt minder eten door het kleine maagje. Dit betekent dat je nog maar kleine beetjes tegelijk kunt eten. De nieuwe maaguitgang is nauwer dan de oude. Daardoor doet het voedsel er langer over het kleine maagje te verlaten. Je houdt dus langer een vol gevoel.
  2. Het voedsel slaat daarna een stuk darm over (de twaalfvingerige darm). Daardoor komt de vertering later op gang, waardoor er minder voedingsstoffen worden opgenomen in je lichaam.
  3. De maag maakt minder eetlustopwekkende hormonen aan.

Het merendeel van de patiënten raakt na een gastric bypass gedurende 1-2 jaar meer dan 60% van hun overgewicht kwijt.

Complicaties na een gastric bypass

Vroege complicaties

  • Algemene complicaties
  • Naadlekkage. Dit is een complicatie waarbij de aansluiting(en) van de darm naar de maag en de darm naar de darm gaan lekken. Dit komt gelukkig niet vaak voor. Je kunt hier erg ziek van worden.

Complicaties op de lange termijn

  • Klachten door een tekort aan vitaminen, eiwit of ijzer. Dit komt doordat je minder voedingsstoffen kunt opnemen. Dit kan leiden tot bijvoorbeeld bloedarmoede en moeheid. Om dit te voorkomen moet je de rest van je leven multivitamines innemen. Indien toch nog tekorten ontstaan, moet dit extra worden aangevuld.

We controleren dit eens per jaar door bloedonderzoek.

  • Maagzweer. Bij sommige patiënten (vaak rokers) ontstaat een maagzweer bij de overgang van het nieuwe maagje naar de dunne darm. Beter is dus roken te stoppen.
  • Obstructie van de darm. Verklevingen als gevolg van een operatie in de buik kunnen de darm afsluiten. Soms is een operatie nodig om de obstructie te behandelen.
  • Een stuk darm kan bekneld raken in de buik, waardoor je aanvalsgewijze buikpijn kan krijgen. Dit wordt ook wel een interne herniatie genoemd. Een operatie is nodig om dit te herstellen.
  • Galstenen. Na de operatie is er een verhoogde kans op het ontwikkelen van galstenen.
  • Onverklaarde buikklachten. Het komt voor dat buikklachten ondanks grondig onderzoek niet te verklaren zijn.

Meld je aan voor een intakegesprek

Meld je aan voor een gratis informatiebijeenkomst